De schrijver: Adri van den Brand

Geplaatst op 28 aug 2014 in Achter de schermen

De schrijver: Adri van den Brand

Adri van den Brand is de schrijver van het theaterstuk ´Granaatweken´. We vroegen Adri hoe hij er toe is gekomen om het boek ‘De Granaatweken’ op de planken te brengen.

Adri: “Mijn oom Ben Peters, vertelde me jaren geleden, dat hij samen met Louis van Dijk bezig was met een uniek project ‘De granaatweken’ genaamd. Ik had daar nog nooit van gehoord. Het bleek over de laatste weken voor de bevrijding van Schijndel tijdens de Tweede Wereldoorlog te gaan. Hij vroeg of ik mee wilde werken aan de totstandkoming van het boek. Op de één of ander manier zag ik dat toen nog niet zo zitten. Op de gezellige familiefeestjes begon ome Ben telkens weer over de Granaatweken. Of ik toch niet er aan mee wilde werken. Ik heb toen min of meer als geintje gezegd dat ik er nog wel eens een keer een toneelstuk over zou schrijven. Uiteindelijk ben ik me er toch meer in gaan verdiepen en trok de geschiedenis van eigen bodem en van de eigen familie zeer mijn interesse.

 
Vervolgens is bij mij het idee ontstaan om het stuk ook daadwerkelijk een keer op de planken te brengen. Toen ik in 2011 meespeelde bij ‘De laatste biecht’ van Theatergroep Wildeman, greep ik mijn kans. Ik legde mijn ideeën rondom ‘Granaatweken’ aan het bestuur van Wildeman voor. Ze waren meteen enthousiast. Vervolgens brak er een periode aan waarin ik een vertaling wilde maken van het boek ‘De Granaatweken’ dat meer een documentaire is, gebaseerd op dagboeken van Schijndelaren, naar een speelbaar verhaal, waarin daadwerkelijke feiten verwerkt zijn. Met een merkstift heb ik toen alle feiten waar ik iets mee kon gemarkeerd. Soms kwam ik gegevens tegen, waarvan ik dacht, hé hier zit een verhaallijntje in. Zo is het toneelstuk langzaamaan ontstaan.

 
Schijndel had in de oorlog nog niet echt veel meegemaakt. Er waren natuurlijk wel wat schermutselingen geweest, maar vergeleken met het westen van het land, viel dat erg mee. En dan plots net voor de bevrijding wordt het dorp in een keer van 10 naar 100% de oorlog ingetrokken. Dat had een enorme impact op het dorp. Op hele gewone mensen, die niet eens nagedacht hadden over welke kant ze zouden moeten kiezen. ‘Granaatweken’ gaat over deze gewone mensen. Een verhaal waarin iedere Schijndelse familie, die de oorlog heeft meegemaakt zich in zou kunnen herkennen. Maar ook families uit dorpen als Berlicum, Sint-Michielsgestel, Sint-Oedenrode en Gemonde, want er lagen vele Brabantse dorpen in de vuurlinie van ‘de Corridor’.

 
‘Granaatweken’ is voor mij een eerbetoon aan allereerst de beide schrijvers van het boek, mijn beide families, maar ook vooral aan al die Schijndelaren die deze ‘verschrikkelijke weken’ hebben meegemaakt. Voor hen die het niet overleefden en die mensen die het wel overleefden. Voor hen die het wel overleefden hoop ik dat ’Granaatweken’ een bijdrage kan zijn voor een stuk verwerking, maar ook een aanleiding om met familie en vrienden in gesprek te gaan. En voor de generaties die later geboren zijn hoop ik dat dit een mooie manier is om in contact te komen met een belangrijke fase uit de eigen dorps- en familiegeschiedenis.”